Jacco Ippel

ONTMOETING MET.....

 

Jacco Ippel, vaste-stokker-in-hart-en-nieren en fanatiek wedstrijdhengelaar. Ik tref hem aan de Oude Rijn ter hoogte van de ijsbaan in Zwammerdam en er ontstaat een geanimeerd gesprek aan de hand waarvan ik onderstaand relaas opteken. Hij heeft in vol ornaat uitgepakt om enkele uren met de stok te vissen, zijn favoriete ding. Dit tekent deze hengelaar want de omstandigheden op deze frisse januaridag zijn verre van ideaal. Afgelopen nacht heeft het gestormd en fors geregend, nu is het 4 graden met de wind schuin op de kop en veel vuil op het water. Waar anderen de luwte zoeken en zich met de feeder achter de plu scharen gaat Jacco voluit. Hoe moeilijker de omstandigheden hoe leuker het is, is zijn credo. Helemaal in zijn element is hij als het op peuteren met licht materiaal aankomt in niet alledaagse omstandigheden en dan zien om de vis aan de praat te krijgen.

 

Op dit moment staat de teller op zes visjes, niet geweldig en dat ligt zeker niet aan de aastafel, want die is ook deze dag tot in de puntjes verzorgd. De maden, casters en alle overige aassoorten zijn kakelvers en liggen makkelijk onder handbereik in de bak. Casters zijn het favoriete aas voor Jacco, zomer en winter, zonder deze goudkleurige poppen is zijn visdag 'op voorhand gedoemd te mislukken'. Als het nodig is moet hij onbeperkt kunnen schieten met de pult of gooien met de werppijp. Gevleugelde woorden voor hem zijn dan ook 'brengen' en 'doceren'. Beide begrippen lijken eenvoudig uit te voeren, maar blijken in de praktijk nog niet zo simpel te zijn. Wanneer moet je ruimschoots aas brengen en wanneer zet je juist de rem erop? Jacco voelt zo'n situatie moeiteloos aan.

 

'Netjes' (proper zouden de Belgen zeggen) vissen is nog een peiler van hem, met andere woorden keurig onder de top vissen waarbij je het aas exact tegen de bodem aanbiedt. Om te beginnen veel aandacht schenken aan het afstellen van je materialen en zorgen dat je de bodem van je visplek goed in beeld krijgt. Goed uitpeilen is dus het halve werk en zorgen dat je de voerballen op de juiste manier plaatst. Maar hiermee ben je er natuurlijk nog niet, weet Jacco haarfijn uit te leggen, want dan begint het pas. Vanaf de start ben ik eigenlijk altijd in beweging, aldus Jacco, met andere woorden mocht blijken dat 'het niet loopt' dan blijf ik zoeken naar passende omstandigheden die kunnen zorgen voor een regelmatig beetpatroon. Het frequent onderhouden van de voerplek is daar een heel voornaam ding bij. Verder is hij 'gek' op dobbers, dat hoeven niet perse peperdure exemplaren te zijn maar wel doeltreffend en liefst met een slank karakter. Daarbij schroomt hij niet om een zwaarder exemplaar in te zetten, als die maar super is uitgelood.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Daarnaast kan Jacco ook goed overweg met de feeder, zeker op zijn favoriete thuiswater 'de Schoonhovense Gracht'. Een jaar of wat geleden viste hij daar een koppelwedstrijd met Sipko, waaraan hij al 25 jaar een fantastische koppelmaat heeft. Die twee voelen (en vullen) elkaar haarscherp aan en weten dat je bij het koppelen wint of verliest met zijn tweeën. Die bewuste wedstrijd moet één man met de stok vissen en de ander met de feeder. Jacco had net een rugoperatie ´achter de rug´ en wilde het liefst met de feeder vissen, voor Sipko totaal geen probleem, hij pakte gewoon de stok. De wedstrijd kende een bijzonder verloop, Jacco kreeg de platten aan de praat en Sipko moest deze met de regelmaat van de klok scheppen, zodat er weer direct verder gefeederd kan worden. Dat Sipko door deze situatie zelf nauwelijks aan vissen toe kwam was eveneens geen probleem, het versterkte alleen maar de samenwerking en de onderlinge band. Omdat in het laatste uur bleek dat de winst op zeker 'binnen was', werd alsnog geswitcht, Sipko met feeder en Jacco met de stok, maar dan wel in de steun. Met ruim verschil werd er die dag gewonnen!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ook herinnert hij zich een wedstrijd in de Amsteldrecht enige jaren geleden tijdens de 24-uurs van John Kooij waar de feeder op dat moment weinig succes bracht. Hoewel de vaste stok ook geen kilo's opleverde kreeg Jacco de vis (bliek) toch aardig aan de praat met de caster, wat bijna niemand lukte. Verwonderd vroegen 'bezoekers' achter hem zich af hoe hij dat flikte, in hun ogen viste hij ook nog met een te zware pen. Maar hier komt ook weer de vasthoudendheid om de hoek kijken en de constatering dat je moet blijven ´brengen´.

 

Ook komt Jacco's uitgesproken favoriete stokwater nog even aan bod, de Vlaardingsche Vaart. Hier kun je voor tegenstanders 'dodelijk' zijn als je op de juiste manier vist. Nauwkeurig uitpeilen, super licht vissen (dobber max. 0,3 gram) liefst met een caster en vooral veel 'brengen'. Dit aas kan voor het winnende gewicht zorgen, daarbij geholpen door de bijtgrage maatvoorns die mogelijk in het laatste uur onder de kant komen. Het is ook hier een kwestie van volhouden!

Wel Jacco, ontzettend leuk om je op deze manier te hebben gesproken over onderwerpen die ons beide na aan het hart liggen. Het voegt zeker iets toe aan de kennis die nodig is om goed overweg te kunnen met de vaste stok. Bedankt voor dit gesprek en ik zie je wellicht (als deelnemer/concurrent) in de aankomende Kooij-4-daagse.

De teller staat inmiddels op acht, het geeft aan dat het vanmorgen een zeer taaie visserij is. Tot ziens, er komen betere tijden.

 

Rinus Reichard

 

Copyright © All Rights Reserved